RSJ wil vaker ondertoezichtstelling van ongeboren kind
De Raad voor Strafrechtstoepassing en Jeugdbescherming (RSJ) wil meer (gedwongen) hulp aan bepaalde zwangere vrouwen in de eerste fase van hun zwangerschap. Het gaat dan om vrouwen die zich risicovol gedragen tijdens hun zwangerschap of om vrouwen die in gevaarlijke omstandigheden verkeren, bijvoorbeeld vanwege psychische problematiek, verslaving of huiselijk geweld.
Advies
In de praktijk blijkt deze hulp pas in een later stadium op gang te komen. De RSJ adviseert ondertoezichtstelling (OTS) van een ongeboren kind expliciet in de wet op te nemen. Ook beoogt de RSJ dat hulpverleners die betrokken zijn bij de OTS van het nog niet geboren kind meer bevoegdheden krijgen. Dit zijn enkele aanbevelingen die de RSJ heeft gedaan aan het ministerie van Veiligheid en Justitie en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en sport in haar advies “Prenatale kinderbescherming en de rol van de overheid”. In het advies staat de vraag centraal hoe ver de verantwoordelijkheid van de overheid reikt bij de bescherming van ongeboren kinderen tegen schadelijk gedrag van de moeder of de omgeving.
Prenatale Zorg
De omstandigheden en de leefwijze van de moeder tijdens de zwangerschap zijn van invloed op de ontwikkeling van het ongeboren kind. De RSJ acht de overheid verantwoordelijk voor de organisatie van goede prenatale zorg, in het belang van het kind. Door de juiste prenatale zorg wordt risicovol ouderschap beperkt. Prenatale zorg is weliswaar beschikbaar en toegankelijk, maar kan worden verbeterd. Daarom beveelt de RSJ bovendien aan om het gebruik van screeningsinstrumenten te stimuleren en programma’s die helpen om te stoppen met roken en alcohol drinken nadrukkelijker onder de aandacht te brengen.
Cultuurwijziging
Uit onderzoek blijkt dat schade aan het ongeboren kind ook ontstaat in de eerste 24 weken van de zwangerschap. Daarom bepleit de RSJ een beleid -en cultuurwijziging bij hulpverleners en instellingen zodat gedurende de hele zwangerschap aandacht is voor zorg bij risicovol ouderschap en dat ingrijpen vroeg in de zwangerschap mogelijk wordt gemaakt.