Uithuisplaatsing (UHP)
Als de gezinsvoogd, de Raad voor de Kinderbescherming of het openbaar ministerie van mening is dat de ontwikkeling van het kind niet kan worden verbeterd in de thuissituatie, kan aan de rechtbank worden verzocht om het kind (tijdelijk) uit huis te plaatsen.
Zitting bij de rechtbank
Tijdens de procedure worden de ouders van het kind opgeroepen om hun mening aan de rechtbank kenbaar te maken. Hiervoor is het aan te raden dat zij een advocaat inschakelen die hen ter zitting kan bijstaan. Ook het kind van 12 jaar en ouder zal door de rechter worden gehoord.
Spoed-uithuisplaatsing
Soms is er sprake van een zogenoemde spoed-uithuisplaatsing. Dit houdt in dat het kind uit huis wordt geplaatst, voordat de ouders hun mening hierover aan de rechtbank kenbaar hebben kunnen maken. De ouders zullen in die gevallen binnen 14 dagen na de spoed-uithuisplaatsing worden opgeroepen om hun mening alsnog kenbaar te maken aan de rechter, waarna die zal beslissen of de spoed-uithuisplaatsing moet worden gehandhaafd of niet.
Duur uithuisplaatsing
De machtiging uithuisplaatsing geldt voor maximaal 12 maanden. Indien de gezinsvoogd van mening is dat de uithuisplaatsing dient te worden verlengd, zal daarvoor opnieuw toestemming moeten worden gevraagd aan de rechter.
Wijziging van omstandigheden
Als sprake is van een wijziging van omstandigheden kunt u via een advocaat de kinderrechter verzoeken om de machtiging uithuisplaatsing te beëindigen.
Advocaat inschakelen
Laat u altijd adviseren en bijstaan door een deskundige advocaat die gespecialiseerd is in UHP-zaken. Zo kunt u in het belang van uw kind de UHP voorkomen, beperken in tijd of laten beëindigen.
Ook kunnen de advocaten van OTS-zaken.nl u bijstaan bij het instellen van hoger beroep bij het gerechtshof indien u het niet eens bent met de uitspraak van de rechtbank. Een hogere rechter zal dan beoordelen of de uitspraak wel of niet terecht is.